🇬🇧

Shift

Singular forms

'Shift' is een zelfstandig naamwoord dat een werkperiode aanduidt. Het wordt vaak gebruikt in werkcontexten zoals ziekenhuizen, fabrieken of winkels.

Definite (de/het)
Indefinite (een)
Without article

Plural forms

De meervoudsvorm 'shifts' wordt gebruikt om meerdere werkperiodes aan te duiden. Bijvoorbeeld: 'Ik heb deze week vijf shifts.'

Definite (de)
Without article

Diminutive form

Het 'shiftje' klinkt informeel en vriendelijk. Vaak gebruikt om een korte of lichte werkperiode aan te duiden.

informeel

Common compounds

  • nachtshift

    een shift die 's nachts plaatsvindt

  • dagshift

    een shift die overdag plaatsvindt

  • shiftwerk

    het werken in shifts

  • shiftleider

    de persoon die de leiding heeft tijdens een shift

Common word combinations

  • werken

    'Werken' wordt vaak gebruikt met 'shift' om aan te geven dat je tijdens die periode aan het werk bent.

  • hebben

    'Hebben' wordt gebruikt om aan te geven dat je een shift toegewezen hebt gekregen.

  • rooster

    'Rooster' wordt gebruikt om aan te geven waar en wanneer je shifts gepland staan.

  • overnemen

    'Overnemen' betekent dat iemand anders jouw shift gaat werken.

Important notes

  • usage:'Shift' wordt vaak gebruikt in werkgerelateerde contexten. Het is een leenwoord uit het Engels en wordt veel gebruikt in Nederland en België.
  • countability:'Shift' is een telbaar zelfstandig naamwoord. Je kunt zeggen 'één shift', 'twee shifts', enzovoort.
  • register:In formele schrijftaal of officiële documenten wordt soms 'dienst' gebruikt in plaats van 'shift', bijvoorbeeld: 'Ik werk vandaag een late dienst.'

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.