Attributive forms
Als je 'slecht' voor een zelfstandig naamwoord zet, gebruik je vaak 'slechte'. Bijvoorbeeld: 'een slechte dag' of 'de slechte weg'. Let op dat je een extra 'e' toevoegt.
- With definite article
- With indefinite article
- Without article
Predicative form
Na werkwoorden zoals 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'slecht'. Bijvoorbeeld: 'Het boek is slecht' of 'Het weer wordt slecht'.
Comparative
Als je dingen met elkaar vergelijkt, gebruik je 'slechter'. Bijvoorbeeld: 'Deze soep is slechter dan gisteren'. Je zegt ook 'slechter dan' om een verschil aan te geven.
- Base form
- With "dan"
Superlative
Voor de hoogste graad gebruik je 'slechtste' als het voor een zelfstandig naamwoord staat: 'de slechtste film'. Als het na 'het' komt of als het een eigenschap beschrijft, gebruik je 'slechtst': 'Hij is het slechtst in de klas'.
- Attributive
- Predicative
Important notes
- spelling:Bij 'slecht' gebruik je in de stellende trap soms een extra 'e' in attributieve positie (slechte), maar niet altijd. Let op de context.
- irregular:De overtreffende trap 'slechtst' wordt vaak gebruikt na 'het' of als predicatief, terwijl 'slechtste' attributief is.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.