🇬🇧

Sluit

Attributive forms

Als je 'sluit' voor een zelfstandig naamwoord gebruikt, zeg je 'sluite' als het woord een de-woord of het-woord is. Bijvoorbeeld: 'de sluite deur' of 'het sluite raam'. Voor een enkelvoudig zelfstandig naamwoord zonder lidwoord gebruik je 'sluit', zoals in 'sluit papier'.

With definite article
With indefinite article
Without article

Predicative form

Na werkwoorden zoals 'zijn' of 'worden' gebruik je 'sluit'. Bijvoorbeeld: 'De deur is sluit'. Dit betekent dat de deur goed dichtgaat.

Comparative

Om te zeggen dat iets beter sluit dan iets anders, gebruik je 'sluiter'. Bijvoorbeeld: 'Deze deur is sluiter dan die deur'. Als je een vergelijking maakt, gebruik je 'sluiter dan': 'Mijn tas is sluiter dan jouw tas'.

Base form
With "dan"

Superlative

Voor de overtreffende trap gebruik je 'sluitste' als het voor een zelfstandig naamwoord staat: 'de sluitste doos'. Als het na 'zijn' of 'worden' komt, gebruik je 'meest sluit': 'Deze doos is het meest sluit'.

Attributive
Predicative

Important notes

  • irregular:'Sluit' is een onregelmatig adjectief. In de stellende trap kan het zowel 'sluit' als 'sluits' zijn, afhankelijk van het zelfstandig naamwoord.
  • usage:'Sluit' wordt vooral gebruikt om aan te geven dat iets goed sluit of dichtgaat, zoals een deur, doos of verpakking.

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.