(iets dat onder het vuil zit en gewassen moet worden)
Mijn handen zijn helemaal smerig van het tuinieren.
Trek die smerige schoenen uit voordat je naar binnen gaat.
De keuken is smerig na het feest van gisteren.
Ze gooide haar smerige werkkleren meteen in de wasmachine.
Het toilet in dat café was het smerigste dat ik ooit heb gezien.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(gedrag of een truc die niet door de beugel kan)
Dat was een smerige streek van hem om jou de schuld te geven.
Hij verdient zijn geld met smerige praktijken.
Hij heeft een smerige opmerking over haar gemaakt.
Wat een smerige manier om iemand te ontslaan.
(iets eten of ruiken dat heel vies is)
Deze koffie smaakt echt smerig, hij is veel te bitter.
Wat is dat voor een smerige lucht in de keuken?
Die soep was nog smeriger dan ik had verwacht.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.