Spraak

deCommon Noun

Singular Forms

💡Spraak is een zelfstandig naamwoord en betekent het vermogen of de activiteit van het praten.

Definite (de/het)
de spraak
"De spraak van de leraar is duidelijk."
Indefinite (een)
een spraak
"Ik heb een spraak gegeven."
Without Article
spraak
"Spraak is belangrijk voor communicatie."

Plural Forms

💡De spraak verwijst naar hoe mensen praten, en kan van verschillende vormen zijn, zoals dialecten of accenten.

Definite (de)
de spraak
"De spraak van verschillende mensen kan variëren."
Without Article
sprekingen
"Er zijn veel spraken afgelopen maand."

Diminutive Form

spraakje
"Het spraakje van het kind was schattig."

Diminutief wordt vaak gebruikt voor een schattige of informele context.

informeel

Common Compounds

  • spraakles

    "Hij volgt spraakles om beter te leren praten."

    les om spraak te verbeteren

  • spraakmakend

    "Zij is een spraakmakend persoon in de media."

    iets bijzonders, opvallends in de spraak

Common Word Combinations

  • non-verbale spraak

    "Non-verbale spraak is ook belangrijk in communicatie."

    Verwijst naar communicatie zonder woorden.

  • spraakverwarring

    "Er was spraakverwarring over het onderwerp."

    Betekent miscommunicatie door verschil in taal of uitspraak.

Important Notes

  • countability:Spraak is meestal niet telbaar, maar in bepaalde contexten kan het telbaar zijn zoals in 'sprekingen'.
  • register:Spraak kan in zowel formele als informele situaties voorkomen, afhankelijk van de context.
  • irregular:De vaak gebruikte compound 'spraakmaking' heeft een speciale betekenis.