NEDERLANDS
🇬🇧

Strengen

Verb

Auxiliary verb

hebben

zwak werkwoord (regelmatig)

Het werkwoord 'strengen' betekent 'zich inspannen' of 'moeite doen'. Het wordt vaak gebruikt om aan te geven dat iemand extra moeite doet om een doel te bereiken.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • Ik streng me elke dag in om mijn Nederlands te verbeteren.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft zich gisteren erg gestrengd tijdens de wedstrijd.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Streng je in om deze oefening af te maken!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Als je je meer zou strengen, zou je betere resultaten behalen.

    onvoltooid verleden toekomende tijd, aantonende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.