NEDERLANDS
🇬🇧

Strijken

VerbA1

Auxiliary verb

hebben

onregelmatig werkwoord (sterk werkwoord)

Het werkwoord 'strijken' betekent niet alleen 'ironen', maar kan ook 'gladstrijken' of 'aanraken' betekenen, afhankelijk van de context.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Examples

  • Ik strijk mijn kleren altijd op zondag.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Heb je de tafelkleed al gestreken?

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Strijk je de gordijnen vandaag?

    tegenwoordige tijd, vragende wijs

  • Strijk dat overhemd nu meteen!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.