Stuk
hetstuk
Common nounexemplaar voor tellen
- Een afzonderlijk exemplaar dat geteld wordt, vaak bij producten of prijzen.Hoeveel stuks fruit wilt u?
stuk
Adjectiveniet meer heel
- Niet meer werkend of heel; kapot.De lift in ons gebouw is al een week stuk.
- Heel erg moe, uitgeput of emotioneel gebroken.Ik ben helemaal stuk na die marathon.
hetstuk
Common noundeel van iets groters
- Een afgescheiden deel van iets groters, vaak eetbaar of tastbaar.Ik neem nog een stukje kaas.
- Een afstand of traject dat je aflegt.Het is nog een heel stuk naar huis.
- Aanzienlijk, veel; gebruikt om een vergelijking sterker te maken.Vandaag voel ik me een stuk beter dan gisteren.
- Een artikel of geschreven tekst, bijvoorbeeld in een krant of tijdschrift.Hij heeft een kritisch stuk over de politiek geschreven.