Tak
A2top5000Zipf 3.9
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de tak
Common noun/'tɑk/enkelvoud
taktakjemeervoud
takkentakjestakken
Verb/'tɑkən; 'tɑkə/infinitief
takkentegenwoordige tijd
taktakttakkenverleden tijd
taktetaktentegenwoordig deelwoord
takkendtakkende
Create a free account to generate the full entry for this word.
Free. No password.