(iets wat onverwacht samenvalt)
Dat we elkaar hier tegenkomen is puur toeval.
Ik vond de brief bij toeval in een oude doos.
Wat een toeval, ik dacht net aan je!
Het is geen toeval dat zij altijd op tijd komt.
Door een gelukkig toeval miste hij de trein die later vertraging had.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.