NEDERLANDS
🇬🇧

Tolereren

Verb

Auxiliary verb

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'tolereren' betekent dat je iets accepteert of toelaat, ook al ben je het er niet mee eens of vind je het niet ideaal. Het impliceert vaak een zekere mate van geduld of verdraagzaamheid.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • De school tolereert geen pesten.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Vroeger tolereerde hij veel meer dan nu.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • We hebben dit gedrag nooit getolereerd.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Tolereer geen onrecht!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Hoewel hij het niet leuk vindt, zal hij het moeten tolereren.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.