NEDERLANDS
↓↑Enter →
  • 11Trein(de)
    Common nounvoertuig op rails
  • 22Treinen
    Verbmet trein reizen

Browse

DictionaryVocabularyMy WordsRecent words
NEDERLANDS
↓↑Enter →
🇬🇧
  • 11Trein(de)
    Common nounvoertuig op rails
  • 22Treinen
    Verbmet trein reizen
  1. NEDERLANDS
  2. /Dictionary
  3. /Trein
DictionaryTrein

Trein

  • detrein

    Common noun

    voertuig op rails

    1. voertuig bestaande uit een locomotief en wagons dat op rails rijdt en passagiers of goederen vervoertDe trein rijdt door het landschap.
    2. opeenvolging van gebeurtenissen of dingen die op elkaar lijkenEr is een reeks boeken over Nederlandse geschiedenis.
    3. korte ketting met kralen of versieringen, vaak gedragen als accessoireIk draag vandaag een ketting met rode kralen.
    4. achterste deel van een trouwjurk dat over de grond sleeptDe sleep van de bruidsjurk is prachtig.
  • treinen

    Verb

    met trein reizen

    1. met de trein reizen of vervoerenIk neem het vervoer met de trein naar mijn werk.
    2. (van treinen) volgens dienstregeling rijdenDe trein rijdt volgens de dienstregeling.
    3. (informeel) zich snel en doelgericht verplaatsenIk verplaats me snel naar de bushalte.

Related words

getreindtreindetreindentreinetreinentreinendtreinendetreinttreintjetreintjes

Keep learning

More A1 wordsPractice