NEDERLANDS
🇬🇧

Verbeelden

Verb

Auxiliary verb

hebben

reflexief (zich verbeelden), zwak werkwoord

Het werkwoord 'verbeelden' wordt vaak gebruikt om aan te geven dat iemand zich iets inbeeldt of voorstelt, soms met een lichte connotatie van fantasie of onwerkelijkheid.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Examples

  • Ik verbeeld me vaak dat ik op reis ben.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij verbeeldde zich dat hij de wedstrijd zou winnen.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Verbeeld je eens dat je een dagje vrij hebt!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Zij heeft zich altijd al een beroemde actrice verbeeld.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.