NEDERLANDS
🇬🇧

Verlossen

Verb

Auxiliary verb

hebben

overgankelijk werkwoord

Het werkwoord 'verlossen' betekent vaak 'bevrijden' of 'redden' van iets negatiefs, zoals pijn, gevaar of een last.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u, wij / we, jullie, zij / ze

  • hij, zij / ze, het

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Examples

  • De held verlost het dorp van de draak.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • De verpleegster heeft de patiënt van zijn angst verlost.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Verlos ons van het kwaad!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Hij verloste de vogel uit de val.

    verleden tijd, aantonende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.