NEDERLANDS
🇬🇧

Verplichten

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

zwak werkwoord (regelmatig met -te(n) in de verleden tijd)

Het werkwoord 'verplichten' wordt vaak gebruikt in formele contexten, zoals wetgeving, regels of afspraken. Het drukt een verplichting of dwang uit.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • De overheid verplicht alle burgers om belasting te betalen.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • De school heeft de leerlingen verplicht een mondkapje te dragen.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Als je hier werkt, verplicht je jezelf om op tijd te komen.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • De leraar verplichtte de leerlingen om hun telefoons uit te zetten.

    verleden tijd, aantonende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.