Auxiliary verb
hebben
hebben; trans
'Vloeren' komt vooral voor in sport- en informele contexten; het klinkt stoer en heeft een nadrukkelijke, resolute betekenis.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Gebiedende wijs
Aanvoegende wijs
Examples
Zij vloert elke tegenstander met gemak.
tegenwoordige tijd, indicatief
De bokser vloerde de uitdager in ronde twee.
verleden tijd, indicatief
Hij heeft zijn rivaal helemaal gevloerd.
voltooid tegenwoordige tijd, indicatief
Keep learning
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.