Voorkomen
hetvoorkomen
Common nounuiterlijk van iemand
- Het uiterlijk of de verschijning van een persoon.Het voorkomen van de gast maakte indruk op iedereen.
voorkomen
Verbiets tegenhouden of verhinderen
- Ervoor zorgen dat iets ongewenst niet gebeurt.Was je handen om besmetting te voorkomen.
voorkomen
Verbgebeuren of plaatsvinden
- Bestaan, gebeuren of ergens te vinden zijn.Wolven komen weer voor in onze bossen.
- Een bepaalde indruk maken, lijken op iets bekends.Het kwam mij voor alsof hij loog.
- Voor de rechter verschijnen om berecht te worden.Morgen kom ik voor bij de kantonrechter.