NEDERLANDS
🇬🇧

Weglopen

Verb

Auxiliary verb

zijn

onregelmatig werkwoord, scheidbaar samengesteld werkwoord

Het werkwoord 'weglopen' kan zowel letterlijk (fysiek weggaan) als figuurlijk (een situatie ontvluchten) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

  • ik

  • jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

  • jullie

Examples

  • Ik loop weg als ik me niet op mijn gemak voel.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij liep weg zonder iets te zeggen.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Hij is weggelopen omdat hij ruzie had met zijn ouders.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Loop weg als je je bedreigd voelt!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.