Attributive forms
Als je 'zielsverwant' gebruikt vóór een zelfstandig naamwoord, verandert de vorm. Voor 'de'-woorden gebruik je 'zielsverwante' (bijv. 'de zielsverwante vriend'). Voor 'het'-woorden gebruik je ook 'zielsverwante' (bijv. 'het zielsverwante gevoel'). In het meervoud gebruik je 'zielsverwante' (bijv. 'de zielsverwante mensen'). Als je het woord zelf bedoelt, zonder zelfstandig naamwoord, gebruik je 'zielsverwants' (bijv. 'zielsverwantschap').
- With definite article
- With indefinite article
- Without article
Predicative form
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijken' gebruik je altijd 'zielsverwant'. Bijvoorbeeld: 'Wij zijn zielsverwant' of 'Zij blijkt zielsverwant'.
Comparative
Om te zeggen dat iemand meer zielsverwant is dan iemand anders, gebruik je 'zielsverwander'. Bijvoorbeeld: 'Hij is zielsverwander dan zijn broer'. Let op: dit is een onregelmatige vorm, je zegt niet 'zielsverwanter'.
- Base form
- With "dan"
Superlative
Om te zeggen dat iemand het meest zielsverwant is, gebruik je 'meest zielsverwant' na het werkwoord (bijv. 'Zij is het meest zielsverwant') of 'meest zielsverwante' vóór het zelfstandig naamwoord (bijv. 'de meest zielsverwante persoon').
- Attributive
- Predicative
Important notes
- irregular:Het bijvoeglijk naamwoord 'zielsverwant' heeft een onregelmatige vergrotende trap: 'zielsverwander' in plaats van 'zielsverwanter'.
- usage:'Zielsverwant' wordt vaak gebruikt om een sterke emotionele of spirituele verbondenheid aan te geven, vooral tussen mensen.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.