NEDERLANDS
🇬🇧

Zwijgen

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

onregelmatig werkwoord

Het werkwoord 'zwijgen' betekent niet alleen 'niet praten', maar kan ook impliceren dat iemand iets verbergt of niet wil delen.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • Ik zwijg omdat ik het niet eens ben met jullie.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij heeft de hele avond gezwegen.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zwijg alsjeblieft, ik probeer me te concentreren!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Hij zweeg toen hij het slechte nieuws hoorde.

    verleden tijd, aantonende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.