Fabrieken
Verbo
Verbo auxiliar
hebben
hebben; trans
Vaak negatief of ironisch gekleurd: iets haastig, amateuristisch of zelfs stiekem in elkaar zetten.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik
jij / je
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Gebiedende wijs
Aanvoegende wijs
Ejemplos
Ze fabriekte in een uurtje een prachtige jurk.
verleden tijd, indicatief
Wat voor onzin heb jij nu weer gefabriekt?
voltooide tijd, indicatief
Sigue aprendiendo
Construi este diccionario para ser el recurso mas completo para estudiantes de neerlandes en su categoria. Las definiciones y ejemplos son generados, por lo que puedes encontrar errores ocasionales — confia en tu instinto.