Oplossen
Verbo auxiliar
hebben
regelmatig (met onregelmatige vormen in de verleden tijd en aanvoegende wijs)
Het werkwoord 'oplossen' kan zowel letterlijk (bijv. een stof in water) als figuurlijk (bijv. een probleem) gebruikt worden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Gebiedende wijs
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Ejemplos
Ik los deze sudoku elke ochtend op.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Heb je het raadsel al opgelost?
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Los die vergelijking voor de les op!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Het is belangrijk dat zij het conflict oplosse.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
Wij losten het probleem gisteren op.
verleden tijd, aantonende wijs
Construi este diccionario para ser el recurso mas completo para estudiantes de neerlandes en su categoria. Las definiciones y ejemplos son generados, por lo que puedes encontrar errores ocasionales — confia en tu instinto.