Optellen
Verbo auxiliar
hebben
regelmatig werkwoord, scheidbaar samengesteld werkwoord (op + tellen)
Het werkwoord 'optellen' wordt vaak gebruikt in wiskundige of financiële contexten om aan te geven dat getallen bij elkaar worden opgeteld.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Ejemplos
Kun je deze getallen voor mij optellen?
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij heeft alle bedragen opgeteld en het klopt precies.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Tel de punten van het spel op voordat we verder gaan.
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Als je de getallen optelt, krijg je het juiste antwoord.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Construi este diccionario para ser el recurso mas completo para estudiantes de neerlandes en su categoria. Las definiciones y ejemplos son generados, por lo que puedes encontrar errores ocasionales — confia en tu instinto.