NEDERLANDS
🇪🇸

Parkeren

VerboA1

Verbo auxiliar

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'parkeren' wordt voornamelijk gebruikt in de context van voertuigen (auto's, fietsen, scooters, etc.) die op een bepaalde plek worden neergezet.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Ejemplos

  • Kun je hier je auto parkeren?

    tegenwoordige tijd, vragend

  • Hij heeft zijn fiets verkeerd geparkeerd.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonend

  • Parkeer je auto alstublieft op de juiste plek.

    tegenwoordige tijd, gebiedend

  • Zij parkeerde haar scooter altijd voor het café.

    verleden tijd, aantonend

  • De parkerende auto's veroorzaken een file.

    tegenwoordige tijd, aantonend

Construi este diccionario para ser el recurso mas completo para estudiantes de neerlandes en su categoria. Las definiciones y ejemplos son generados, por lo que puedes encontrar errores ocasionales — confia en tu instinto.