Formas singulares
Het woord 'trouw' is een zelfstandig naamwoord en betekent loyaliteit of de belofte om bij iemand te blijven, vooral in relaties.
- Definido (de/het)
- de trouw
- "De trouw van het paar was prachtig."
- Indefinido (een)
- een trouw
- "Een trouw is een mooi moment in het leven."
- Sin articulo
- trouw
- "Trouw is belangrijk in relaties."
Formas plurales
De meervoudsvorm van 'trouw' is 'trouwen' en wordt vaak gebruikt in een bredere context.
- Definido (de)
- de trouwen
- "De trouwen die we dit jaar hebben gezien waren bijzonder."
- Sin articulo
- trouwen
- "Trouwen is een grote stap."
Forma diminutiva
Het diminutief geeft een lief of schattig aspect aan het woord, vaak gebruikt in informele context.
informal
Compuestos comunes
trouwdag
"De trouwdag was een onvergetelijke ervaring."
de dag waarop je trouwt
trouwring
"Ze droeg haar trouwring met veel trots."
de ring die je krijgt bij het trouwen
Combinaciones de palabras comunes
trouw beloven
"Ze beloven trouw aan elkaar."
Dit betekent dat ze elkaar trouw zullen zijn.
in trouw zijn
"In trouw zijn is essentieel voor een goede relatie."
Dit betekent dat je loyaal en eerlijk bent in een relatie.
Notas importantes
- countability:'Trouw' is een onmeetbaar zelfstandig naamwoord, maar de meervoudsvorm 'trouwen' verwijst naar meerdere gebeurtenissen.
- irregular:De meervoudsvorm is niet altijd intuïtief, omdat 'trouw' zelf een abstract concept is.
- register:In formele contexten kan 'trouw' vaak meer gewicht dragen, terwijl in informele situaties het diminutief vaak gebruikt wordt.
Construi este diccionario para ser el recurso mas completo para estudiantes de neerlandes en su categoria. Las definiciones y ejemplos son generados, por lo que puedes encontrar errores ocasionales — confia en tu instinto.