NEDERLANDS
🇪🇸

Zoet

AdjetivoA1

Formas atributivas

Als je 'zoet' vóór een zelfstandig naamwoord gebruikt, zeg je meestal 'zoete'. Bijvoorbeeld: 'een zoete appel' of 'de zoete smaak'. Als het zelfstandig naamwoord geen lidwoord heeft, kun je soms ook 'zoet' gebruiken, zoals in 'zoet water'.

Con articulo definido
Con articulo indefinido
Sin articulo

Forma predicativa

Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'zoet'. Bijvoorbeeld: 'De limonade is zoet' of 'Het snoepje wordt zoet in je mond'.

Comparativo

Als je twee dingen met elkaar vergelijkt, gebruik je 'zoeter'. Bijvoorbeeld: 'Deze peer is zoeter dan die banaan'. Je kunt ook zeggen: 'Dit is zoeter dan dat'.

Forma base
Con "dan"

Superlativo

Als iets het meest zoet is, gebruik je 'zoetst' of 'zoetste'. Na 'het' of 'het meest' gebruik je 'zoetst': 'Dit is het zoetst'. Voor een zelfstandig naamwoord gebruik je 'zoetste': 'Dit is de zoetste taart'.

Atributivo
Predicativo

Notas importantes

  • usage:'Zoet' kan ook 'braaf' betekenen, bijvoorbeeld: 'Het kind is zoet.'
  • spelling:In de overtreffende trap krijgt 'zoetst' soms een '-e' als het voor een zelfstandig naamwoord staat: 'de zoetste taart'.

Construi este diccionario para ser el recurso mas completo para estudiantes de neerlandes en su categoria. Las definiciones y ejemplos son generados, por lo que puedes encontrar errores ocasionales — confia en tu instinto.