🇳🇱
Bijvoeglijk naamwoord

Attributieve vormen

Als je zegt 'de drasse grond' of 'een dras stuk grond', gebruik je 'drasse' vóór het zelfstandig naamwoord.

Met bepaald lidwoord
de drasse
"Ik zie de drasse grond na de regen."
Met onbepaald lidwoord
een dras
"Dat is een dras stukje grond."
Zonder lidwoord
dras
"Die plant groeit goed in dras."

Predicatieve vorm

Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'dras': De grond is dras.

dras
"De grond is dras."

Vergrotende trap

Voor vergelijking gebruik je 'drasser' als in 'Deze plek is drasser dan dat stuk grond.'

Grondvorm
drasser
"Dit is drasser dan het andere stuk."
Met "dan"
drassere
"Dit stuk is drassere dan dat."

Overtreffende trap

Voor de hoogste graad gebruik je 'drast' zoals in 'Dit is de drast grond in het gebied.'

Attributief
de draste
"Dit is de draste plek in de tuin."
Predicatief
drast
"Deze aarde is de drast van alle."

Belangrijke opmerkingen

  • usage:'Dras' wordt meestal gebruikt in de context van water en natte grond.
  • spelling:'Drasse' is de vorm om een zelfstandig naamwoord te beschrijven.

Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.