Bijvoeglijk naamwoord
Attributieve vormen
Als je zegt 'de evene lijnen' of 'een even boek', gebruik je 'evene' vóór het zelfstandig naamwoord.
- Met bepaald lidwoord
- de evene
- "Ik zie de evene lijnen."
- Met onbepaald lidwoord
- een even
- "Dit is een even boek."
- Zonder lidwoord
- even
- "Hij is even geweest."
Predicatieve vorm
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'even': De lijnen zijn even.
Vergrotende trap
Als je zegt 'evener', vergelijk je twee dingen. Bijvoorbeeld: 'Deze weg is evener dan die andere weg'.
- Grondvorm
- evener
- "Deze lijnen zijn evener dan die."
- Met "dan"
- evener dan
- "Een rechte lijn is evener dan een gebogen lijn."
Overtreffende trap
Als je zegt 'evenste', kies je het beste of meeste van iets. Bijvoorbeeld: 'Dit is het evenste oppervlak van de tafel'.
- Attributief
- evenst
- "Hij heeft het evenst boek gekozen."
- Predicatief
- evenste
- "Dit is het evenste ding dat ik ooit heb gezien."
Belangrijke opmerkingen
- usage:Het woord 'even' kan ook als bijwoord worden gebruikt, maar hier focussen we op het adjectief.
- irregular:De comparatieve en superlatieve vormen zijn niet altijd gebruikelijk in alle contexten.
Ik heb dit woordenboek gebouwd als de meest complete Nederlandse leermiddel in zijn soort. Definities en voorbeelden zijn gegenereerd, dus je kunt af en toe een foutje tegenkomen — vertrouw op je gevoel.