🇳🇱

Infinitief

Tegenwoordig deelwoord

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij

  • zij / ze

Voltooid deelwoord

Aanvoegende wijs

Gebiedende wijs

Ornekler

  • Ja, de hond kan beffen, maar niet te veel.

    tegenwoordige tijd, declaratief

  • Ik befte toen ik met mijn vrienden was.

    verleden tijd, declaratief

  • Hij is beffend omdat hij zich verveelt.

    tegenwoordig deelwoord, declaratief

Bu sozlugu, turunde en kapsamli Hollandaca ogrenme kaynagi olarak insa ettim. Tanimlar ve ornekler uretilmistir, bu nedenle ara sira hatalarla karsilasabilirsiniz — icguduilerinize guvenin.