🇹🇷

U

Personal

Onderwerp (subject) en lijdend voorwerp (object) in formele situaties. Gebruikt voor 'jij' of 'jullie' als je beleefd wilt zijn.

Na een voorzetsel (preposition).

Possessive

Bezittelijk voornaamwoord (possessive pronoun) in formele situaties. Betekent 'jouw' of 'jullie'.

Personal

Wederkerend voornaamwoord (reflexive pronoun) voor 'u' in formele situaties. Gebruikt als het onderwerp en object dezelfde persoon zijn.

Konum kurallari

  • Onderwerp (subject) staat meestal vooraan in de zin.

    'U' komt vaak direct na de punt of aan het begin van een vraag.

  • Lijdend voorwerp (object) komt na het werkwoord.

    'U' als object staat na het hoofdwerkwoord of hulpwerkwoord.

  • Wederkerend voornaamwoord staat direct na het onderwerp of werkwoord.

    'Zich' komt direct na 'u' of na het werkwoord in een vraag.

  • Bezittelijk voornaamwoord staat voor het zelfstandig naamwoord.

    'Uw' komt altijd vóór het woord dat het bezit aangeeft.

Onemli notlar

  • usage:'U' gebruik je tegen oudere mensen, onbekenden, of in formele situaties (bijv. op het werk). Tegen vrienden of kinderen gebruik je 'jij' of 'jullie'.
  • formal:'U' is altijd formeel. Het werkwoord krijgt vaak dezelfde vorm als voor 'hij/zij/het' (bijv. 'u hebt', 'u bent').
  • informal:In informele situaties (bijv. met vrienden) gebruik je 'jij' of 'jullie' in plaats van 'u'.
  • usage:Veelvoorkomende combinaties met 'u': 'Hoe gaat het met u?', 'Kan ik u helpen?', 'Dank u wel'.

Bu sozlugu, turunde en kapsamli Hollandaca ogrenme kaynagi olarak insa ettim. Tanimlar ve ornekler uretilmistir, bu nedenle ara sira hatalarla karsilasabilirsiniz — icguduilerinize guvenin.