Zitten
Infinitief
Tegenwoordig deelwoord
Voltooid deelwoord
Verleden tijd
ik
jij / je, u
hij
zij / ze
het
wij / we
jullie
Gebiedende wijs
Aanvoegende wijs
Ornekler
Ik wil graag zitten.
infinitief, neutral
Zittend op de bank lees ik een boek.
tegenwoordig deelwoord, neutral
Hij heeft de hele dag gezeten.
voltooid deelwoord, neutral
Ik zat gisteren thuis.
verleden tijd, neutral
Zit stil tijdens de les!
gebiedende wijs, neutral
Als ik maar zittte op de beste plek.
aanvoegende wijs, neutral
Bu sozlugu, turunde en kapsamli Hollandaca ogrenme kaynagi olarak insa ettim. Tanimlar ve ornekler uretilmistir, bu nedenle ara sira hatalarla karsilasabilirsiniz — icguduilerinize guvenin.