Beperken
Допоміжне дієслово
hebben
overgankelijk werkwoord (heeft een lijdend voorwerp nodig)
Het werkwoord 'beperken' wordt vaak gebruikt om aan te geven dat iets kleiner, minder of strikter wordt gemaakt, vaak met een positieve of noodzakelijke connotatie.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Приклади
Ik beperk mijn koffieconsumptie tot twee kopjes per dag.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
De regering heeft de snelheid op deze weg beperkt.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Beperk je uitgaven, anders kom je in de problemen!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Als hij zijn tijd beter zou beperken, zou hij meer gedaan krijgen.
onvoltooid verleden toekomende tijd, aantonende wijs
Я створив цей словник як найповніший ресурс для тих, хто вивчає нідерландську. Визначення та приклади генеруються, тому ви можете іноді помітити помилку — довіряйте своїй інтуїції.