NEDERLANDS
🇺🇦

Beugelen

Дієслово

Допоміжне дієслово

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'beugelen' wordt voornamelijk gebruikt in de context van sleeën of rodelen op sneeuw of ijs.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Приклади

  • Kinderen beugelen graag in de sneeuw.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Gisteren hebben we urenlang gebeugeld.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Als het sneeuwt, beugelen wij altijd.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

Я створив цей словник як найповніший ресурс для тих, хто вивчає нідерландську. Визначення та приклади генеруються, тому ви можете іноді помітити помилку — довіряйте своїй інтуїції.