πŸ‡ΊπŸ‡¦

Bevel

Π€ΠΎΡ€ΠΌΠΈ ΠΎΠ΄Π½ΠΈΠ½ΠΈ

Bevel is een zelfstandig naamwoord en betekent een opdracht of aanwijzing.

ΠžΠ·Π½Π°Ρ‡Π΅Π½ΠΈΠΉ (de/het)
НСозначСний (een)
Π‘Π΅Π· артикля

Π€ΠΎΡ€ΠΌΠΈ ΠΌΠ½ΠΎΠΆΠΈΠ½ΠΈ

De meervoudsvorm van bevel, bevelen, verwijst naar meerdere opdrachten.

ΠžΠ·Π½Π°Ρ‡Π΅Π½ΠΈΠΉ (de)
Π‘Π΅Π· артикля

Π—ΠΌΠ΅Π½ΡˆΡƒΠ²Π°Π»ΡŒΠ½Π° Ρ„ΠΎΡ€ΠΌΠ°

Het gebruik van het diminutief 'beveltje' maakt het bevel minder streng of formeler.

informal

Частотні складСні слова

  • bevelvoerder

    de persoon die bevelen geeft

Частотні словосполучСння

  • onderwerp van bevel

    Dit verwijst naar wat er precies bevolen wordt.

  • bevel uitvoeren

    Dit betekent dat je het bevel moet opvolgen of uitvoeren.

Π’Π°ΠΆΠ»ΠΈΠ²Ρ– зауваТСння

  • countability:Bevel is een telbaar zelfstandig naamwoord; je kunt het tellen (één bevel, twee bevelen).
  • register:Bevel wordt vaak in formele/gerechtelijke contexten gebruikt, te onderscheiden van informele commando's.

Π― створив Ρ†Π΅ΠΉ словник як Π½Π°ΠΉΠΏΠΎΠ²Π½Ρ–ΡˆΠΈΠΉ рСсурс для Ρ‚ΠΈΡ…, Ρ…Ρ‚ΠΎ Π²ΠΈΠ²Ρ‡Π°Ρ” Π½Ρ–Π΄Π΅Ρ€Π»Π°Π½Π΄ΡΡŒΠΊΡƒ. ВизначСння Ρ‚Π° ΠΏΡ€ΠΈΠΊΠ»Π°Π΄ΠΈ Π³Π΅Π½Π΅Ρ€ΡƒΡŽΡ‚ΡŒΡΡ, Ρ‚ΠΎΠΌΡƒ Π²ΠΈ ΠΌΠΎΠΆΠ΅Ρ‚Π΅ Ρ–Π½ΠΎΠ΄Ρ– ΠΏΠΎΠΌΡ–Ρ‚ΠΈΡ‚ΠΈ ΠΏΠΎΠΌΠΈΠ»ΠΊΡƒ β€” довіряйтС своїй Ρ–Π½Ρ‚ΡƒΡ—Ρ†Ρ–Ρ—.