ΠΡΡΠΈΠ±ΡΡΠΈΠ²Π½Ρ ΡΠΎΡΠΌΠΈ
Als je 'geliefd' voor een zelfstandig naamwoord zet, zoals in 'de geliefde man', beschrijf je iemand die veel wordt gewaardeerd door anderen.
- Π ΠΎΠ·Π½Π°ΡΠ΅Π½ΠΈΠΌ Π°ΡΡΠΈΠΊΠ»Π΅ΠΌ
- de geliefde
- "Hij is de geliefde van haar."
- Π Π½Π΅ΠΎΠ·Π½Π°ΡΠ΅Π½ΠΈΠΌ Π°ΡΡΠΈΠΊΠ»Π΅ΠΌ
- een geliefde
- "Zij heeft een geliefde."
- ΠΠ΅Π· Π°ΡΡΠΈΠΊΠ»Ρ
- geliefd
- "Iets geliefd is vaak populair."
ΠΡΠ΅Π΄ΠΈΠΊΠ°ΡΠΈΠ²Π½Π° ΡΠΎΡΠΌΠ°
Na 'zijn' of 'worden' gebruik je altijd 'geliefd': Dit boek is geliefd.
ΠΠΈΡΠΈΠΉ ΡΡΡΠΏΡΠ½Ρ
Voor de vergrotende trap gebruik je 'geliefder' om aan te geven dat iemand of iets meer geliefd is: Zij is geliedder dan de anderen.
- ΠΡΠ½ΠΎΠ²Π½Π° ΡΠΎΡΠΌΠ°
- geliefder
- "Zij is geliedder dan haar zus."
- Π "dan"
- geliefdere
- "Hij is geliefdere bij zijn ouders."
ΠΠ°ΠΉΠ²ΠΈΡΠΈΠΉ ΡΡΡΠΏΡΠ½Ρ
In de overtreffende trap gebruik je 'geliefdst' om aan te geven dat iemand of iets het meest geliefd is: Hij is de geliefdst.
- ΠΡΡΠΈΠ±ΡΡΠΈΠ²Π½Π΅
- geliefdst
- "Hij is de geliefdst van het gezin."
- ΠΡΠ΅Π΄ΠΈΠΊΠ°ΡΠΈΠ²Π½Π΅
- geliefdste
- "Zij is de geliefdste van de klas."
ΠΠ°ΠΆΠ»ΠΈΠ²Ρ Π·Π°ΡΠ²Π°ΠΆΠ΅Π½Π½Ρ
- usage:Het woord 'geliefd' beschrijft een persoon of ding dat populair of gewaardeerd is.
- spelling:Gebruik altijd 'geliefd' in de stellende trap, en 'geliefder' in de vergrotende trap.
Π― ΡΡΠ²ΠΎΡΠΈΠ² ΡΠ΅ΠΉ ΡΠ»ΠΎΠ²Π½ΠΈΠΊ ΡΠΊ Π½Π°ΠΉΠΏΠΎΠ²Π½ΡΡΠΈΠΉ ΡΠ΅ΡΡΡΡ Π΄Π»Ρ ΡΠΈΡ , Ρ ΡΠΎ Π²ΠΈΠ²ΡΠ°Ρ Π½ΡΠ΄Π΅ΡΠ»Π°Π½Π΄ΡΡΠΊΡ. ΠΠΈΠ·Π½Π°ΡΠ΅Π½Π½Ρ ΡΠ° ΠΏΡΠΈΠΊΠ»Π°Π΄ΠΈ Π³Π΅Π½Π΅ΡΡΡΡΡΡΡ, ΡΠΎΠΌΡ Π²ΠΈ ΠΌΠΎΠΆΠ΅ΡΠ΅ ΡΠ½ΠΎΠ΄Ρ ΠΏΠΎΠΌΡΡΠΈΡΠΈ ΠΏΠΎΠΌΠΈΠ»ΠΊΡ β Π΄ΠΎΠ²ΡΡΡΠΉΡΠ΅ ΡΠ²ΠΎΡΠΉ ΡΠ½ΡΡΡΡΡΡ.