Infinitief Ik wil leren hoe ik moet keren.
Tegenwoordig deelwoord De auto is kerend terug naar het beginpunt.
Voltooid deelwoord Hij heeft de situatie gekeerd tot iets positiefs.
Tegenwoordige tijd ik
Ik keer snel naar huis.
jij / je
Jij keert terug naar je thuisland.
u
U keert later terug.
hij
Hij keert terug van zijn reis.
zij / ze
Zij keert terug naar haar school.
het
Het voertuig keert om in de straat.
wij / we
Wij keren elke zomer weer terug.
jullie
Jullie keren vaak met de bus terug.
Verleden tijd ik
Ik keerde om toen ik de fout zag.
jij / je
Jij keerde vroeg terug van je werk.
u
U keerde zich om naar de vragensteller.
hij
Hij keerde met zijn fiets terug.
zij / ze
Zij keerde weg van de menigte.
het
Het schip keerde terug naar de haven.
wij / we
Wij keerden tevreden huiswaarts.
jullie
Jullie keerden vol vertrouwen terug.
zij / ze
Zij keerden zich om in de richting van de lichten.
Aanvoegende wijs Ik hoop dat jullie kere snel terug.
Я створив цей словник як найповніший ресурс для тих, хто вивчає нідерландську. Визначення та приклади генеруються, тому ви можете іноді помітити помилку — довіряйте своїй інтуїції.