Matig
ΠΡΡΠΈΠ±ΡΡΠΈΠ²Π½Ρ ΡΠΎΡΠΌΠΈ
Als je 'matig' vΓ³Γ³r een zelfstandig naamwoord gebruikt, zeg je 'matige'. Bijvoorbeeld: 'een matige dag' of 'de matige kwaliteit'. In zinnen zonder lidwoord (zoals 'matig zout') gebruik je gewoon 'matig'.
- Π ΠΎΠ·Π½Π°ΡΠ΅Π½ΠΈΠΌ Π°ΡΡΠΈΠΊΠ»Π΅ΠΌ
- Π Π½Π΅ΠΎΠ·Π½Π°ΡΠ΅Π½ΠΈΠΌ Π°ΡΡΠΈΠΊΠ»Π΅ΠΌ
- ΠΠ΅Π· Π°ΡΡΠΈΠΊΠ»Ρ
ΠΡΠ΅Π΄ΠΈΠΊΠ°ΡΠΈΠ²Π½Π° ΡΠΎΡΠΌΠ°
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijken' gebruik je altijd 'matig'. Bijvoorbeeld: 'De film was matig' of 'Het eten blijkt matig te zijn'.
ΠΠΈΡΠΈΠΉ ΡΡΡΠΏΡΠ½Ρ
Als je iets wilt vergelijken, gebruik je 'matiger'. Bijvoorbeeld: 'Deze soep is matiger gekruid dan die andere'. Je kunt ook 'matiger dan' gebruiken om een vergelijking te maken.
- ΠΡΠ½ΠΎΠ²Π½Π° ΡΠΎΡΠΌΠ°
- Π "dan"
ΠΠ°ΠΉΠ²ΠΈΡΠΈΠΉ ΡΡΡΠΏΡΠ½Ρ
Voor de overtreffende trap gebruik je 'matigste' als het voor een zelfstandig naamwoord staat (bijv. 'de matigste score'). Als het na het werkwoord komt, gebruik je 'matigst' (bijv. 'Dit is het matigst').
- ΠΡΡΠΈΠ±ΡΡΠΈΠ²Π½Π΅
- ΠΡΠ΅Π΄ΠΈΠΊΠ°ΡΠΈΠ²Π½Π΅
ΠΠ°ΠΆΠ»ΠΈΠ²Ρ Π·Π°ΡΠ²Π°ΠΆΠ΅Π½Π½Ρ
- usage:'Matig' wordt vaak gebruikt om iets aan te geven dat niet goed, maar ook niet slecht is. Het is een neutrale beoordeling.
- spelling:In de stellende trap krijgt 'matig' een -e in attributieve positie (bijv. 'matige'), behalve in de 'bare' vorm (zonder lidwoord).
Π― ΡΡΠ²ΠΎΡΠΈΠ² ΡΠ΅ΠΉ ΡΠ»ΠΎΠ²Π½ΠΈΠΊ ΡΠΊ Π½Π°ΠΉΠΏΠΎΠ²Π½ΡΡΠΈΠΉ ΡΠ΅ΡΡΡΡ Π΄Π»Ρ ΡΠΈΡ , Ρ ΡΠΎ Π²ΠΈΠ²ΡΠ°Ρ Π½ΡΠ΄Π΅ΡΠ»Π°Π½Π΄ΡΡΠΊΡ. ΠΠΈΠ·Π½Π°ΡΠ΅Π½Π½Ρ ΡΠ° ΠΏΡΠΈΠΊΠ»Π°Π΄ΠΈ Π³Π΅Π½Π΅ΡΡΡΡΡΡΡ, ΡΠΎΠΌΡ Π²ΠΈ ΠΌΠΎΠΆΠ΅ΡΠ΅ ΡΠ½ΠΎΠ΄Ρ ΠΏΠΎΠΌΡΡΠΈΡΠΈ ΠΏΠΎΠΌΠΈΠ»ΠΊΡ β Π΄ΠΎΠ²ΡΡΡΠΉΡΠ΅ ΡΠ²ΠΎΡΠΉ ΡΠ½ΡΡΡΡΡΡ.