Tegenwoordige tijd ik
jij / je
Jij neukt vaak met plezier.
u
hij
Hij neukt met enthousiasme.
zij / ze
Zij neukt goed als ze zich voelt.
het
Het neukt niet zoals verwacht.
wij / we
Wij neuken samen voor de lol.
jullie
Jullie neuken als echte vrienden.
Verleden tijd ik
Ik neukte tijdens het feest.
jij / je
u
U neukte in uw jongere jaren.
hij
Hij neukte met een glimlach.
zij / ze
het
Het neukte niet helemaal goed.
wij / we
jullie
Jullie neukten heel laat.
Tegenwoordig deelwoord Hij liep neukend door de gang.
Zij kwam neukende naar binnen.
Voltooid deelwoord Ik heb geneukt met overtuiging.
Gebiedende wijs Neukt beter dan ooit tevoren!
Aanvoegende wijs Ik hoop dat je neuke zoals het hoort.
Я створив цей словник як найповніший ресурс для тих, хто вивчає нідерландську. Визначення та приклади генеруються, тому ви можете іноді помітити помилку — довіряйте своїй інтуїції.