Het werkwoord 'ophalen' betekent meestal iemand of iets gaan halen op een afgesproken plek, zoals kinderen van school of een pakket bij het postkantoor. Het kan ook 'inzamelen' betekenen (geld, handtekeningen), 'omhoog trekken' (schouders, brug), herinneringen 'oproepen', of data 'binnenhalen' op een computer.
gaan halen