NEDERLANDS
🇺🇦

Roeren

ДієсловоA2

Допоміжне дієслово

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'roeren' kan zowel letterlijk (fysiek bewegen) als figuurlijk (emotioneel raken) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

  • u

Приклади

  • Ik roer de soep elke vijf minuten om.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Heb je de melk al geroerd?

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Roer de saus niet te hard, anders spat het.

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Zij roerde zachtjes in haar thee terwijl ze nadacht.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • De film was zo roerend dat iedereen stil werd.

    verleden tijd, aantonende wijs

Я створив цей словник як найповніший ресурс для тих, хто вивчає нідерландську. Визначення та приклади генеруються, тому ви можете іноді помітити помилку — довіряйте своїй інтуїції.