NEDERLANDS
🇺🇦

Studeren

Дієслово

Допоміжне дієслово

hebben

regelmatig werkwoord (zwak werkwoord)

Het werkwoord 'studeren' verwijst specifiek naar het volgen van een opleiding of het leren van een vakgebied, vaak in een formele onderwijsomgeving zoals een universiteit of hogeschool.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, jullie

  • u

Приклади

  • Ik studeer Nederlands omdat ik in Nederland wil wonen.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij heeft vijf jaar geneeskunde gestudeerd voordat ze arts werd.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Als je harder studeert, haal je je examen zeker!

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Studeer jij ook voor de toets van morgen?

    tegenwoordige tijd, vragende wijs

  • Wij studeerden vroeger altijd samen in de bibliotheek.

    verleden tijd, aantonende wijs

Я створив цей словник як найповніший ресурс для тих, хто вивчає нідерландську. Визначення та приклади генеруються, тому ви можете іноді помітити помилку — довіряйте своїй інтуїції.