(iemand draagt een blouse op het werk of in het dagelijks leven)
Zij droeg een nette blouse naar haar sollicitatiegesprek.
Deze blouse past goed bij je broek.
De blouse is wit.
De docent draagt altijd een gestreepte blouse naar school.
De blouse is wit, maar de knopen zijn zwart.
Tijdens het etentje droeg zij een elegante blouse.
De blouse heeft een mooie kraag.
Deze bloes is perfect voor een formele gelegenheid.
Met deze blouse zit je altijd goed!
Zij koopt een nieuwe blouse voor haar werk.
Heb je mijn blouse gezien?
De blouse, die ze gisteren kocht, zit heel comfortabel.
Ik doe mijn blouse uit na een lange dag.
Ik draag vandaag een blauwe blouse.
Morgen zal ik mijn nieuwe blouse dragen.
Gisteren droeg ik een rode blouse naar het feest.
Trek je blouse aan voor de vergadering!
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。