(beschrijving van het lichaam of een lichamelijke klacht)
Hij voelde een stekende pijn op zijn borst.
De baby sliep rustig op de borst van zijn vader.
Hij heeft al dagen pijn op de borst.
De arts luistert met een stethoscoop naar zijn borst.
Ze drukte haar dochter stevig tegen haar borst aan.
(borstvoeding of vrouwelijk lichaam)
Na de bevalling gaf zij haar kind de borst.
Tijdens de zwangerschap werden haar borsten gevoeliger.
De moeder legde de baby aan de borst.
De dokter heeft haar borst grondig onderzocht.
(koken en eten klaarmaken)
Voor het avondeten braad ik een kippenborst in de pan.
De borst van de kalkoen was heerlijk mals en sappig.
Ik koop vaak een kippenborst bij de slager.
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。