(dertig leerlingen in de klas)
Er zitten dertig leerlingen in de klas.
Zij heeft dertig boeken in haar kast staan.
Er stonden dertig stoelen klaar voor de vergadering.
Ik heb dertig minuten gewacht voordat de bus eindelijk kwam.
(dertig jaar oud worden)
Mijn broer wordt volgende maand dertig jaar oud.
Zij is net dertig geworden en werkt al acht jaar bij de bank.
Mijn moeder was pas dertig toen zij naar Nederland verhuisde.
Hij zit al in de dertig en heeft nog geen vaste baan gevonden.
(dertig euro per stuk)
Dit boek kost dertig euro bij de boekhandel.
Het is vandaag bijna dertig graden in Amsterdam.
De trein rijdt momenteel met dertig kilometer per uur door het dorp.
Rond de dertig graden is het echt te warm om buiten te sporten.
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。