(iemand geeft weinig uit of deelt niet graag)
Hij is zo gierig dat hij nooit een rondje geeft in de kroeg.
Ze vond het gierig dat hij geen cadeautje meebracht voor haar verjaardag.
Zij is gierig en geeft nooit fooi in een restaurant.
Zuinigheid kan soms overgaan in gierigheid.
Vroeger was hij niet zo gierig, maar nu spaart hij elke cent.
Tijdens het schoolreisje bleek hij gierig te zijn; hij wilde geen ijs kopen.
Mijn buurman is gierig en doet nooit mee aan de straatbarbecue.
Hij gedraagt zich gierig tijdens de feestdagen.
Hij heeft een hart van steen als het op geld aankomt; echt gierig!
Waarom ben je zo gierig met je tijd?
Op kantoor staat hij bekend als gierig omdat hij nooit koffie betaalt.
Wees niet gierig en deel je speelgoed!
Mijn broer is gierig en koopt nooit iets nieuws.
Als hij zo gierig blijft, zal niemand hem meer uitnodigen.
Hij is zo vrekkig dat hij zelfs zijn eigen verjaardag niet viert om geld te besparen.
Omdat mijn oom zo gierig is, heeft hij nog nooit een vakantie geboekt.
Hij is gierig, dus hij deelt zijn snacks nooit met anderen.
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。