Hopen
助动词
hebben
regelmatig werkwoord
Het werkwoord 'hopen' drukt een wens of verwachting uit voor iets dat nog niet zeker is. Het wordt vaak gevolgd door 'dat' of 'op'.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we
jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
例句
Ik hoop dat je morgen kunt komen.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Wij hoopten dat het niet zou regenen tijdens de picknick.
verleden tijd, aantonende wijs
Heb je gehoopt op een snelle reactie?
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hopend op een betere toekomst, werkte hij hard aan zijn studie.
tegenwoordig deelwoord, deelwoord
Men hope dat de crisis snel voorbij zal zijn.
tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。