(iemand werkt in een groot huis of hotel)
De huisknecht maakte elke ochtend de ontbijttafel klaar.
Vroeger hadden rijke families vaak een huisknecht in dienst.
De huisknecht poetst de ramen.
In het hotel is de huisknecht verantwoordelijk voor de netheid van de lobby.
Elke ochtend begint de huisknecht met het ontbijt klaarmaken.
De huisknecht heeft de tafel prachtig gedekt.
Tijdens het grote bal zorgde de huisknecht ervoor dat alle gasten zich thuis voelden.
De huisknecht, die al jaren voor de familie werkt, kent alle voorkeuren van de bewoners.
De huishoudster en de huisknecht werken samen om het huis schoon te houden.
De huisknecht helpt dagelijks met het huishouden.
De huisknecht ruimt de kamers op en zorgt voor de bloemen.
De huisknecht werkte gisteren tot laat in de avond.
Die huisknecht is goud waard voor de familie; hij doet alles met veel zorg.
Heeft de huisknecht de bedden al opgemaakt?
De bediende, ook wel huisknecht genoemd, assisteert bij het serveren van het diner.
De huisknecht zal morgen de gastenkamers klaarmaken.
Huisknecht, zorg alsjeblieft voor schone handdoeken in de badkamer!
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。