(een kind heeft een eigen kamer in huis)
De baby slaapt in de kinderkamer naast onze slaapkamer.
In de kinderkamer staat een groot speelkasteel.
Volgende maand schilderen we de kinderkamer blauw.
Elke avond lees ik een verhaaltje voor in de kinderkamer.
De kinderkamer is klein, maar gezellig.
Mijn dochter speelt elke dag in haar kinderkamer.
Ruim je kinderkamer op!
De kinderkamer is roze geverfd.
Op school leren de kinderen over hoe je een kinderkamer veilig kunt maken.
Tijdens het feestje sliepen alle kinderen samen in de kinderkamer.
De kinderruimte, ook wel kinderkamer genoemd, is heel licht.
In de kinderkamer hangt een mooie poster van Sinterklaas.
De kinderkamer is een wereld op zich voor het kind.
De kinderkamer is op de eerste verdieping.
Vorig jaar hebben we de kinderkamer opnieuw ingericht.
De kinderkamer, die vol speelgoed staat, is altijd een rommeltje.
Is de kinderkamer al opgeruimd?
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。