(een ruimte of de dag beschrijven)
We hebben een lichte woonkamer met grote ramen.
Het wordt al licht buiten, het is bijna ochtend.
De keuken is heel licht.
In de zomer wordt het pas laat donker en al vroeg licht.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(kleuren beschrijven)
Ze draagt vandaag een lichtblauwe jurk.
Mijn haar wordt in de zomer altijd lichter.
Welke kleur vind je mooier, de lichtere of de donkere?
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。