(over het uiterlijk van een persoon of dier)
Hij is veel te mager geworden na zijn ziekte.
Ze heeft lange, magere armen.
Die kat ziet er wel heel mager uit.
Vroeger was hij nog magerder dan zijn broer.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(over eten en drinken)
Ik koop altijd magere yoghurt in de supermarkt.
Dit stukje vlees is lekker mager.
Doe maar magere melk in mijn koffie, alsjeblieft.
In deze kaas zit veel minder vet, want het is een magere variant.
(over resultaten, opbrengst of prestaties)
De oogst was dit jaar erg mager.
Met zo'n mager salaris kun je nauwelijks rondkomen.
De resultaten van het onderzoek waren nogal mager.
Na al dat werk was de beloning bijzonder mager.
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。